Is dit wetenschappelijk onderbouwd?

Nu ik toch over de wetenschap begonnen ben, moet het volgende ook nog maar van het hart. Ik kan mij mateloos irriteren aan artikelen die vol staan met verwijzingen naar andere artikelen of boeken. Die verwijzingen moeten het ‘zogenaamde’ bewijs leveren voor de door de auteur geponeerde stelling of feiten. En feiten zijn feiten, dus dat is dan ‘de waarheid’. Maar zoals ik het vorige blog (10-07) al aangaf; hoe wetenschappelijk ook, vee; meningen en zogenaamde feiten blijken later falsificaties van de werkelijkheid te zijn. Door veel te verwijzen wordt ten onrechte een suggestie van ‘dit is toch wel echt waar’ opgebouwd.

Gisteren las ik tijdens mijn maandeijks bezoek aan de Bloedbank een artikel waarin een korte rapportage stond over een kartel van wetenschappelijke tijdschriften dat was ontmanteld en beboet: men verwees vooral (bijna uitsluitend) naar artikelen die gepubliceerd waren in tijdschriften die tot dat kartel behoorden. Want aangehaald worden is erg belangrijk in de wetenschappelijke wereld, dus dan maar op deze manier. Jezelf belangrijk maken heeft weing met wetenschap van doen.

Nog irritanter is het met mensen in gesprek te zijn die continu verwijzen naar wat schrijver x, professor y of goeroe z ooit eens heeft gezegd of geschreven. Eigenlijk ben je niet met deze persoon zelf in gesprek, want hij spreekt steeds met de mond van een ander. Het interesseert mij zelden wat professor x of professor y over het onderhavige onderwerp heeft gezegd; ik wil weten wat mijn gesprekspartner er van vindt. Met hem haar in kan ik in discussie en kan ik dialogeren; wat die aangehaalde professor er van vindt: dat moet ik maar voor lief aannemen, ik kan er niets mee.

Degene die mij dit ooit duidelijk maakte is Jan van der Linden, onze nestor Katarsiaan. Maar wat voor indruk zou het op jou maken als ik nu zei: “Jan van der Linden zegt dat je niet steeds moet quoten”. En heel vervelende indruk. Het roept gelijk de vraag op: ‘en vind jij dat zelf ook, Piet?’

Om deze reden heb ik er voor gekozen om op deze weblog mijn imprints op te nemen, waarin ik mijn voedingsbodem eer en toon. Opdat mijn lezers en gesprekspartners beter kunnen begrijpen waar mijn ideeen en denkbeelden hun oorsprong hebben. Maar wat ik blog komt uit mijn mond, pen, toetsenbord.

UItzondering bij het quote verbod maak ik met betrekking tot mijn lieve moedertje. Ondertussen ‘ergens boven’.  Bij tegenslag leerde ze mij altijd: “Je zult zien waar het goed voor is”. Dat vind ik ook, maar deze denkwijze quote ik toch altijd. Tenslotte blijft ze nog altijd mijn lieve moedertje. Zij hoefde zich niet belangrijk te maken. Ze was het.

 

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie en getagd , door Piet Boot . Bookmark de permalink .

Over Piet Boot

BIO Piet Boot (1947) De aanloop Piet haalde in de avonduren zijn MO-A onderwijskunde terwijl hij gedurende die tijd met zijn diploma ‘pedagogische Academie’ op zak, voor de klas stond. MO-B volgde gedurende de eerste jaren bij de Schoolbegeleidingdienst waar hij uiteindelijk 12 jaar lang ervaring opdeed in het begeleiden van schoolteams bij veranderingsprocessen. De hink Het onderwijs bood hem uiteindelijk te weinig ruimte en Piet richtte zich (met 2 collega’s) op de bedrijvenmarkt. ‘Triam, bureau voor Toegepaste Onderwijskunde’ was dè voorloper in de markt van het leveren van onderwijskundige diensten: de ontwikkeling van bedrijfspecifieke opleidingen en –documentatie. Piet heeft het vermogen een aantal jaren in de tijd vooruit te kunnen kijken en ontwikkelingen vroegtijdig te zien aankomen. Daarop liet hij Triam ook met een cyclus van 5 – 7 jaar groeien naar nieuwe niveaus van dienstverlening: eerst kwaliteitsmanagement, later kennismanagement. Piet vindt creëren belangrijker dan beheersen. Dat merk je ook aan een van zijn uitlaatkleppen: dan vind je hem in zijn kleine atelier, bezig om met olieverf ruwe doeken te produceren. De stap Toen Triam groot was gegroeid (max. 90 medewerkers / 5 vestigingen) was dat ook de hoogste tijd voor hem om een nieuwe start te maken. Hij besloot zijn kennis en ervaring in te zetten om ondernemers te helpen hun droom te verwezenlijken (en soms om hen ‘uit de droom te helpen’). Daarin komen zijn kwaliteiten het best naar voren; van onderwijskundige, kwaliteitskundige en veranderkundige, tot filosoof, visionair en ondernemer. Maar zijn sterkste punt is de verbinding tussen ‘hard’ en ‘zacht’, tussen mensen, tussen concept-ontwikkeling en uitvoering / de praktijk, tussen korte- en (middel)lange termijn. De sprong De jaren na zijn vertrek uit Triam werd Piet zich steeds bewuster van de grote ontwikkelingen van deze tijd. Opnieuw klopt zijn ondernemershart en is hij in cocreatie met verschillende partners bezig met interessante, betekenisvolle initiatieven. Daarnaast voert hij freelance opdrachten uit en creëert hij mogelijkehden voorzijn opdrachtgevers. Zijn visitekaartjes tonen rollen als inviseur, arrangeur, transformateur, derailleur en co-creator. Hoewel hij zegt dat hij niet meer werkt is hij voorlopig nog wel even bezig……