Waarop proost jij?

“Proost; op je gezondheid”. Zo klonk het dit weekend weer in mijn tuin. En, zo werd er aan toegevoegd: “Gezondheid is toch het belangrijkste wat er is”. Mag ik daar ander over denken? Zeker weten dat gezondheid super belangrijk is, maar het belangrijkste wat er is…? Ik heb twee redenen om daar anders tegenaan te kijken.

Ten eerste omdat ik er van overtuigd ben dat het ervaren van geluk van een hogere orde is dan het hebben van een goede gezondheid. Veel bewondering voel ik als ik in contact ben met mensen met ernstige, soms ongeneeslijke ziekten, die ondanks hun problemen en slechte perspectieven toch toch een hartverwarmend levensgeluk uitstralen. Daarbij bagatelliseren zij hun gezondheidsproblemen niet, maar ze maken deze ondergeschikt aan hun levensgeluk.
Ik ken er ook die hun geluk toch een in meer of mindere van hun gezondheid laten afhangen. In ontmoetingen is gezondheid dan meestal ook het eerste gespreksonderwerp.

Mijn tweede argument om geluk boven gezondheid te zetten is mijn permanent gevoelde persoonlijke verzet tegen de interpretatie van het begrip gezondheid, zoals wij dat breed maatschappelijk hanteren. Gezondheid gaat daarbij over de gezondheid van het lichaam. Artikelen over gezondheid gaan dan ook dominant over meer bewegen en gezonder eten. Gezondheidsadvertenties sluiten daar mooi bij aan en laten ons geloven dat hoe mooier je bent, hoe beter je je voelt.

Ik doe aan het gelijk van deze zienswijzen niets af, maar voeg er nog wat aan toe. Gezondheid gaat bij mij ook over de geestelijke- sociale- en spirituele gezondheid. Dat samen is een ongedeelde eenheid.
En net zoals we bij de lichamelijke gezondheid denken aan voeding en beweging, zo zouden we, volgens mij, ook moeten denken aan voeding en beweging bij de geestelijke gezondheid, de sociale gezondheid en de spirituele gezondheid. Dan krijg je dus vragen als: ‘wat is mijn sociale beweging?’ Maak je nog nieuwe vrienden?; kom je wel eens in sociale kringen die je minder of niet gewend bent?. Of: ‘wat is jouw geestelijke beweging?’. Velen zullen zich even achter de oren krabben bij het horen van deze vraag, ongebruikelijk als hij is. Maar ik moet er altijd aan denken als ik iemand bij het verlaten van het stemhokje hoor zeggen: “ik stem altijd …… , dat deden mijn ouders ook altijd”.  Bij mensen met een sterk geloof stel ik mij die vraag ook wel eens: zit daar nog geestelijke beweging in, te beginnen met twijfel? En wat was jouw geestelijke voeding: had dat de diepgang van de reality-soap van  ‘Andy en Melissa’ of ben je aan het denken gezet door een goed boek? Dit soort vragen en gesprekken zijn we minder gewend. Ons gezondheidsbegrip is erg beperkt. In een ander blog zal ik dit nog wel eens uitwerken. Maar ik denk dat het niet slim is zo’n onvolkomen begrepen begrip bovenaan je wensenlijstje te zetten bij het proosten.

Wat mij betreft dus: ‘proost; op je geluk’. In de wetenschap dat het eigenlijk is ‘proost, op ons vermogen geluk te beleven’. Maar dat is zo’n mondvol en verdient ook nog wel wat toelichting. Ook voor een volgend blog…

Waarop ga jij proosten?

Dit bericht werd geplaatst in Denkelen en getagd , , door Piet Boot . Bookmark de permalink .

Over Piet Boot

BIO Piet Boot (1947) De aanloop Piet haalde in de avonduren zijn MO-A onderwijskunde terwijl hij gedurende die tijd met zijn diploma ‘pedagogische Academie’ op zak, voor de klas stond. MO-B volgde gedurende de eerste jaren bij de Schoolbegeleidingdienst waar hij uiteindelijk 12 jaar lang ervaring opdeed in het begeleiden van schoolteams bij veranderingsprocessen. De hink Het onderwijs bood hem uiteindelijk te weinig ruimte en Piet richtte zich (met 2 collega’s) op de bedrijvenmarkt. ‘Triam, bureau voor Toegepaste Onderwijskunde’ was dè voorloper in de markt van het leveren van onderwijskundige diensten: de ontwikkeling van bedrijfspecifieke opleidingen en –documentatie. Piet heeft het vermogen een aantal jaren in de tijd vooruit te kunnen kijken en ontwikkelingen vroegtijdig te zien aankomen. Daarop liet hij Triam ook met een cyclus van 5 – 7 jaar groeien naar nieuwe niveaus van dienstverlening: eerst kwaliteitsmanagement, later kennismanagement. Piet vindt creëren belangrijker dan beheersen. Dat merk je ook aan een van zijn uitlaatkleppen: dan vind je hem in zijn kleine atelier, bezig om met olieverf ruwe doeken te produceren. De stap Toen Triam groot was gegroeid (max. 90 medewerkers / 5 vestigingen) was dat ook de hoogste tijd voor hem om een nieuwe start te maken. Hij besloot zijn kennis en ervaring in te zetten om ondernemers te helpen hun droom te verwezenlijken (en soms om hen ‘uit de droom te helpen’). Daarin komen zijn kwaliteiten het best naar voren; van onderwijskundige, kwaliteitskundige en veranderkundige, tot filosoof, visionair en ondernemer. Maar zijn sterkste punt is de verbinding tussen ‘hard’ en ‘zacht’, tussen mensen, tussen concept-ontwikkeling en uitvoering / de praktijk, tussen korte- en (middel)lange termijn. De sprong De jaren na zijn vertrek uit Triam werd Piet zich steeds bewuster van de grote ontwikkelingen van deze tijd. Opnieuw klopt zijn ondernemershart en is hij in cocreatie met verschillende partners bezig met interessante, betekenisvolle initiatieven. Daarnaast voert hij freelance opdrachten uit en creëert hij mogelijkehden voorzijn opdrachtgevers. Zijn visitekaartjes tonen rollen als inviseur, arrangeur, transformateur, derailleur en co-creator. Hoewel hij zegt dat hij niet meer werkt is hij voorlopig nog wel even bezig……